En op de zevende dag:…François Fillon

ff

De Franse voorverkiezingen van een presidentskandidaat voor de rechtse en centrumpartijen zorgen toch nog voor een grote verrassing : niet de gedoodverfde favoriet Alain Juppé of oud-president Nicolas Sarkozy komt als winnaar uit de bus, maar oud-premier François Fillon. Wie is hij en wat wil hij ?

Family values

François Charles Armand Fillon is geboren in 1954 in Le Mans, bekend van de autoraces waar Fillon een groot liefhebber van is. Hij is getrouwd met Penelope Clarke, een Britse juriste die gemeenteraadslid is in de geboortestreek van Fillon. Samen hebben ze een dochter en vier zonen. Afgemeten aan het turbulente liefdesleven van eerst president Sarkozy en vervolgens dat van Hollande, heeft Fillon een stabiel gezinsleven, waar hij zeer discreet over is. De privésituatie van Franse politici speelt doorgaans slechts op de achtergrond evenals het geloof, waar de Franse Republiek een zeer verregaande en stricte scheiding tussen kerk en staat voorstaat. Toch kleeft aan Fillon het imago van een streng katholiek, voor wie het klassieke gezin centraal staat. Een groot deel van de Fransen op met name het omvangrijke platteland geeft dat ongetwijfeld herkenning en vertrouwen: noem het nestgeur.

Geen buitenstaander

Hoewel een verrassende winnaar, is Fillon, net als Sarkozy en Juppé, zeker geen outsider of anti-establishment. In 1981 wordt hij al lid van de Franse Assemblée Nationale, hij is zeven jaar minister op vijf verschillende departementen, tussendoor 18 jaar lang burgemeester van Sablé-sur-Sarthe en dan natuurlijk de minister-president van Sarkozy van 2007 tot 2012. Deze laatste noemt hem “mr. Nobody ” of “Droopy” en geeft hem weinig ruimte omdat de hyperactieve president Sarkozy vooral zelf de dienst uitmaakt. Vier jaar later profiteert Fillon tijdens de voorverkiezingen van het “Anything but Sarkozy” sentiment. In vergelijking met de gematigde Juppé is Fillon een rechts-conservatief : Sarkozy zonder de gebreken van Sarkozy. Integer, degelijk en kalm. Gezien de top drie gaan de rechtse Fransen nog voor de ervaren oudere garde. De veertigers Le Maire en Kosciusko-Morizet belanden ver in de achterhoede.

Maandenlang is François Fillon slechts nummer vier in peilingen tot hij opvalt tijdens de televisiedebatten in oktober en november. Hij is dan al vanaf mei 2013 kandidaat en heeft -net als destijds Hollande bij de linkse voorverkiezingen in 2011- aan een brede basis onder de kiezers gewerkt. Daags na de eerste ronde van de voorverkiezingen op zondag 20 november jl. blijkt dat Fillon in bijna alle regio’s winnaar is : Juppé verovert Parijs en het zuidwesten om zijn thuisbasis Bordeaux, terwijl Sarkozy alleen op Corsica en het overzeese La Réunion wint. Als Fillon in tweede ronde zo’n 65% van de stemmen binnenhaalt, is het duidelijk : dit zit diep.

Nadat Fillon meer dan 40% van de stemmen binnenhaalt in de eerste ronde van de primaire, neemt hij het in de tweede ronde op tegen Alain Juppé, de nummer twee die bijna 30% van de stemmen behaalt. Juppé wordt zowaar fel en in een paar dagen tijd worden beelden over Fillon neergezet, die hijzelf karikaturen vindt. Juppé spreekt over ‘une brutalité sociale’ vanwege het vergaande economische programma. De ultrakatholiek en vriend van Poetin zou homofoob zijn omdat hij tegen het homohuwelijk stemde. Dat beeld wordt versterkt doordat hij omringd wordt door mensen uit de anti-homohuwelijkbeweging Manif pour tous. Daarnaast zou hij het niet hoog op hebben met vrouwenrechten omdat hij een minister een andere post heeft geweigerd vanwege haar zwangerschap. In het hoffelijke en vriendelijke debat tussen de twee overgebleven kandidaten op 24 november, lukt Fillon het goed deze karikaturen te nuanceren en pareert hij de aanvallen van Juppé, die zich redelijk gedeisd houdt. Het pad naar de overwinning ligt open en Fillon wint overtuigend van Juppé.

Wat wil Fillon ?

Zijn programma staat te boek als liberaal en is gestoeld op de ideeën van Margaret Thatcher uit de jaren ‘80. Hij stelt daarvoor strenge economische hervormingen voor. Om de grote werkeloosheid aan te pakken, laat hij de 35-urige werkweek los om Frankrijk competitiever te maken. Daarnaast wordt het aantal ambtenaren met 600.000 teruggedrongen, het arbeidsrecht wordt versoepeld, de pensioenleeftijd verhoogt hij naar 65 jaar en wordt 100 miljard euro bezuinigd op de overheidsuitgaven. Fillon wil daarmee bereiken dat Frankrijk over tien jaar weer de eerste economische macht van Europa is.

Na zijn aantreden wil hij al in september een referendum houden om het aantal parlementsleden (zowel Assemblée Nationale als Sénat) terug te dringen, maar wordt de stapeling van politieke functies weer toegestaan. Overigens zal zijn regering slechts vijftien ministers tellen; dat aantal ligt in de huidige regering tegen de dertig. Op het gebied van migratie staat hij meer aanpassing voor van nieuwkomers en niet zozeer het bejubelen van diversiteit. Hij laat geen Front National ministers in zijn regering toe. Hij maakt zich sterk tegen het terrorisme en daardoor komen Syriëgangers Frankrijk niet meer in. Rusland krijgt van Fillon een grote rol in zijn buitenlandpolitiek, vooral waar het gaat om het conflict in Syrië. Het levert hem steun van Poetin op, die hij al ontmoet heeft. Tot slot wil hij niets veranderen aan de wetgeving over het homohuwelijk, maar zou hij sleutelen aan het recht van adoptie door homo-ouders. Hij wil dat geadopteerde kinderen van homostellen het recht krijgen te weten wie hun biologische ouders zijn, iets wat de huidige wetgeving is ontbeert.

Links aan zet

In de komende maanden moet blijken of Fillon vooral om zijn persoonlijkheid is gekozen of meer om zijn strenge programma. De keuze voor Fillon is namelijk ook ingegeven omdat hij als rechts-conservatief het beste in staat lijkt Marine Le Pen van het presidentschap te houden. Indien hij daardoor zelfs Le Pen mei volgend jaar uit de tweede ronde weet te houden, kan zowaar een linkse kandidaat de tweede ronde halen.

Maar dan moet het totaal versnipperde linkse kamp eerst een geschikte kandidaat hebben en daar geldt boven alles: “anything but Hollande”. De blik verschuift nu naar de socialisten, die eind januari hun voorverkiezingen houden. Tijdens de tweede ronde van de rechtse voorverkiezingen impliceert eerste minister Valls dat hij zich warmloopt en zelfs tegen zijn eigen president deze strijd zou aangaan. Een dergelijke paleisrevolutie tussen president en minister-president is ongekend en betekent ongetwijfeld het ontslag van Valls. De uitkomsten van de schermutselingen ter linkerzijde zijn nu erg ongewis.

De gevolgen van de radicale economische hervormingen van Fillon voor de sociale zekerheid en banen voor ambtenaren zullen niet bij iedereen goed vallen en dat doet kiezers weer achter de oren krabben, afhankelijk van wat een linkse kandidaat daartegen over stelt ondanks de afkeer tegen Hollande en zijn weinig succesvolle economische politiek. Uiteindelijk moet in mei 2017 blijken of het strenge programma voor lief wordt genomen en desondanks de presidentieel ogende Fillon de voorkeur krijgt van alle Franse kiezers.