La loi Macron: wat doet Frankrijk om economische groei te stimuleren?

Zelfs in het Frans heet het “France bashing” : inhakken op Frankrijk dat onvoldoende bezuinigt en de economie niet hervormt. Op de feestdag 14 juli zegt François Hollande het zelf ook: er is wel economische groei, maar nog steeds onvoldoende. Toch doet de Franse regering zijn best de groei aan te jagen en de werkloosheid terug te dringen. Op 10 juli 2015 werd als voorlopig sluitstuk de “loi Macron” aangenomen, genoemd naar de minister van Economische Zaken Emmanuel Macron, die zijn populariteit meer zou kunnen benutten voor verdergaande economische hervormingen.

Minster Macron van Economische Zaken, een verfrissende aanwinst voor de Franse regering
Minster Macron van Economische Zaken, een verfrissende aanwinst voor de Franse regering

Bezuinigingen

Het valt niet te ontkennen dat de 3% begrotingsnorm lang niet meer gehaald is. Er is een dalende lijn sinds de 7,1% onder president Sarkozy in 2009 naar 3,8% eind dit jaar. Brussel heeft ingestemd met nogmaals twee jaar uitstel : de 3% norm wordt in 2017 bereikt, zo bezweert minister van Financiën Sapin. De Franse staatsschuld is overigens eind 2015 maar liefst 95% van het BNP. Na eerdere bezuinigingen onder Hollande was er een aanvullend pakket met 50 miljard euro bezuinigingen in 2014. De president vreest de economie kapot te bezuinigen en vindt dat mensen juist geld moeten kunnen besteden om het economisch herstel te laten doorzetten.

 Economische groei

In 2015 is een economische groei van 1% voorzien, een fragiel herstel na een dip van -0,2% in 2013 en 0,4% in 2014. Sinds januari 2014 bestaat een “un pacte de responsabilité et de solidarité” om arbeidskosten te verlagen door ondermeer lagere sociale premies. Een degelijk pact waarbij werkgevers, werknemers de handen ineenslaan met een socialistische regering is uitzonderlijk: goede socialisten denken zeker niet mee met werkgevers en maken al helemaal geen deals met bazen. Hollande schuift ermee naar het politieke midden en luistert dus wel degelijk naar Brussel, al zal hij dat natuurlijk nooit toegeven.

Het pact is te omvangrijk om in detail uit te leggen, maar voorziet ondermeer in geleidelijke verlaging van de vennootschapsbelasting van nu 33,3% naar 28% in 2020. Administratieve lasten en overbodige regelgeving worden teruggedrongen. Voor particulieren is de laagste belastingschijf geschrapt en voor de laagste inkomens is er een belastingaftrek. Ouderen ontvangen per maand iets meer geld. Tegelijkertijd is de belastingdruk toegenomen. De opbrengsten daarvan worden niet gebruikt om de staatsschuld terug te dringen maar om le crédit d’impôt compétitivité et emploi (Cice) te financieren. Dit programma bestaat sinds januari 2013 en is toegevoegd aan het pact. Franse ondernemingen kunnen makkelijker geld lenen en krijgen een belastingvrijstelling om te investeren, onderzoek te doen, nieuwe technologie in te zetten maar ook om simpelweg werknemers aan te nemen. Gemiddeld is er een jaarlijks bedrag van 20 miljard euro mee gemoeid. De arbeidskosten zouden er gemiddeld 2,6% per jaar door verlagen en het moet 200.000 banen creëren.

Kritiek is dat deze Cice op twee gedachten hinkt : investeringen bevorderen om met name de concurrentie met Duitsland aan te kunnen en tegelijkertijd banen creëren. Cice financiert gesubsidieerde banen en niet banen die ontstaan omdat de vraag naar producten is toegenomen. De economische groei is tot nu toe onvoldoende om werkgelegenheid te creëren en lijkt vooral ingegeven door externe factoren als de olieprijs en de goedkopere euro. Frankrijk is -met Finland- het enige land in de Eurozone waar de werkloosheid nog steeds toeneemt tot bijna 11%, een nagel aan de doodskist van Hollande.

Arbeidsmarkt

De arbeidsmarkt lijkt de achilleshiel te zijn. Onder Hollande is wetgeving aangenomen waarbij mensen makkelijker zijn te ontslaan als het niet goed gaat met bedrijven. Werknemers blijven echter beschermd, wat investeringen voor buitenlandse bedrijven minder aantrekkelijk maakt. De loonkosten zijn in maart 2015 in Frankrijk lager dan in Duitsland en Nederland, maar de hoge sociale lasten maken de arbeidskosten één van de hoogste in Europa. De arbeidsproductiviteit ligt met 45,40 euro per uur bij het Duitse niveau. Franse werknemers werken bovendien gemiddeld 1476 uur per jaar tegen 1413 uur in Duitsland. Sinds 1999 bestaat de 35-urige werkweek, maar in 2008 voerde president Sarkozy een wet in die bedrijven weer de mogelijkheid bood hun werknemers langer dan het maximum van 35 uur te laten werken. De Fransen werken dus wel degelijk, maar het zijn dure werknemers.

 La loi Macron

Licht in de duisternis lijkt Emmanuel Macron, een minister die er wat modernere opvattingen op na houdt. Deze 37-jarige ex-bankier is sinds 2014 minister van Economische Zaken: een sociaal-liberaal die de economie wil hervormen en zelfs de 35-urige werkweek meer wil versoepelen. Voor dat laatste is hij meteen na zijn aantreden flink op zijn vingers getikt, dus dat idee staat even in de ijskast. Hij moet het nu doen met een soort bonte verzamelwet om de concurrentie te bevorderen en liberaliseringen door te voeren. Deze “loi Macron” voorziet in ruimere winkelopeningstijden in met name toeristische gebieden op zondag en in de avonduren. Er komen nieuwe geprivatiseerde buslijnen die goedkoper zijn als alternatief voor de dure treinen en die tienduizenden banen zullen opleveren. Verder is er ondermeer een versoepeling van het uitoefenen van bepaalde beroepen als notaris en deurwaarder, wordt het halen van een rijbewijs voor beroepsvervoerders makkelijker en worden voor 5 tot 10 miljard euro staatsaandelen verkocht om met de opbrengst te kunnen investeren. De wetsbepalingen schieten dus alle kanten op.

Deze maatregelen zijn allesbehalve schokkend, maar leidden tot het nodige rumoer in de socialistische gelederen. Premier Valls zag zich zelfs genoodzaakt het parlement buiten spel te zetten om de wet Macron met een bijzondere grondwetsbepaling door het parlement te loodsen. Opvallend is dat minister Macron wel één van de populairste politici van het land is en de Fransen steunen in meerderheid deze wet volgens peilingen. De socialisten lijken eerder gevangenen te zijn van de geïnstitutionaliseerde positie van vakbonden, waar overigens slechts 7% van de Fransen bij aangesloten is.

Vakbonden

En daarmee zijn we bij een politiek taboe aanbeland: de vakbonden. Frankrijk heeft veel kleine bedrijfjes en veel kolossale bedrijven, maar het middenbedrijf ontbreekt. Er zijn relatief veel bedrijven met net minder dan 50 werknemers omdat vanaf 50 werknemers de instelling van een vakbondsraad verplicht is en groeit de papierwinkel aanzienlijk vanwege nieuwe eisen op het gebied van onder andere arbeidsomstandigheden. Dit houdt werkgevers tegen om uit te breiden en houdt economische groei tegen. Het optrekken van deze grens van 50 werknemers naar bijvoorbeeld 100 of 150 werknemers zou al behoorlijk helpen. Maar ja, wie durft?

Hoe verder?

Hollande kondigt tijdens het traditionele 14 juli interview geen nieuwe maatregelen aan: zijn huidige beleid moet zich effectueren. Wel wil hij na de loi Macron bepalingen die inspelen op de digitalisering van de economie. Naar mijn idee speelt dat de economie van Frankrijk nog vaak drijft op ouderwetse arbeidsintensieve industrieën die omgevormd worden. Denk aan de auto-industrie die zich meer richt op elektrische auto’s. Deze overgang vraagt tijd. Frankrijk is van oudsher een creatief land met veel start-ups en, mede door de hoge kwaliteit van het onderwijs, sterk in technologie, wat hoopgevend is voor een dergelijke omvorming van de economische activiteiten, maar die ook geduld vergt.

Grosso modo doet Hollande wat Brussel van hem verlangt, maar het is een light versie vergeleken met wat de andere mediterrane landen hebben gedaan. De hervormingen kunnen een tandje hoger door loonkosten te matigen, vakbonden in te perken en de export weer aan te jagen. En leuk of niet, dan moet er meer bezuinigd worden. De president zal de ideeën van de intelligente Macron hard nodig hebben. Hopelijk durft de jonge minister daarvoor zijn hoofd meer boven het maaiveld uit te steken dan met de huidige loi Macron.